Sri Lanka: het ándere Azië

Azië: noedels en veel rijst, toch? Crossende tuk-tuks en overvolle chicken bussen. Theevelden en mooie surf stranden. WE KNOW. Voor de mensen die al meerdere Aziatische landen hebben bezocht, snap ik dat deze gedachte niet zo gek is. Maar, dan is er Sri Lanka… Een plek waar je niet verlegen hoeft te zitten om Werelderfgoed. Waar klimmen je nieuwe hobby wordt. En waar je een van ’s werelds mooiste treinreizen kunt maken. Oh, én nog een cruciaal stuk van de Nederlandse geschiedenis kunt ervaren. Do I need to say more? OK, laatste: dichterbij de Malediven kom je niet… Just saying.

Van West naar Oost.
Ja, andersom klinkt deze titel beter, maar de airport ligt nou eenmaal aan de West kant. Zoals in meerdere Aziatische landen, kun je de hoofdstad (Colombo) prima skippen. Wij gingen meteen door naar Negombo, in mijn humble opinion wil je daar ook niet al te lang blijven, dus één nachtje en weer door is top. De vismarkt is een hele beleving daar en leuk om overheen te lopen (met je neus dicht). Van de restaurantjes hoef je overigens niet teveel te verwachten. Wij hadden na wat zoeken een tentje gevonden, en kijkend naar het menu wees de man al snel op die lege vitrine achter ons met één bak gele rijst en drie kippenpoten. De keuze was snel gemaakt en vervolgens gingen de handjes door de bak en zo werd ons bord gevuld. Niks geen opscheplepel. Kosten? 1,50 euro per persoon. Vooruit. Groot pluspunt: in Sri Lanka is alles nog belachelijk goedkoop! Leven als een God in Azië, dus.


Wilde olifanten in het Minneriya National Park

Sigiriya: wilde olifanten en letterlijke hoogtepunten

Want zeg je Sigiriya, dan zeg je olifanten! Je kunt hier níet weg voor je op olifantensafari bent geweest. Tip: ga zo vroeg mogelijk, want einde middag tel je bijna evenveel jeeps als olifanten. En dat zijn er veel!

Staand in de jeep, met af en toe even bukken voor een laaghangende tak, hebben wij op één middag wel 200 olifanten gespot in het Minneriya National Park. Inclusief baby’s! Echt, WAUW.

Filmpje: een kleine verzameling van alle olifantjes (lees: gigantische jongens) die wij tegenkwamen!

Daarnaast zou ik in Sigiriya ook zeker de Pidurangala Rock te beklimmen. Oké, de grotere Lion’s Rock is het populairst, echter, behoorlijk prijzig (25 euro p.p!) en één lange trap omhoog. De Pidurangala kost een paar euro per persoon, biedt ook nog eens heel mooi uitzicht op de Lion’s Rock zelf en op weg naar de top moet je echt klimmen en klauteren (vooral op het eind). Veel leuker dus! Het stadje staat al sinds 1982 op de UNESCO Werelderfgoed Lijst, evenals de Gouden Tempel van Dambulla (1991), waar je op weg naar Kandy gemakkelijk een tussenstop kunt maken.   

Slaaptip Sigiriya: verblijf in het Kashyapa Kingdom View Home. Vanuit je slaapkamer kijk je récht op de Lion’s Rock, net als tijdens je ontbijtje. Betaalbaar, en super lieve hosts!

Uitzicht op de Lion’s Rock vanaf de top van de Pidurangala Rock.

I want Kandy
Over het grote, drukke Kandy zijn de meningen verdeeld. Vele medereizigers waren er niet over te spreken. Het was er ‘vies’, ‘megadruk’ (joh, welke grote Aziatische stad niet?) en het koelde ’s avonds behoorlijk af. Nou, heerlijk na al die hitte. En het belangrijkste: hier moet je de trein pakken naar Ella! Ja je leest het goed: ‘moet.’ Want deze treinreis wil je niet missen. Op grote hoogte, rijd je dwars door de felgroene theevelden en na elke bocht word je getrakteerd op zo’n stunning view – dat je bijna 7 uur lang met je camera op schoot zit. Klein dingetje: alle treinkaartjes zijn vaak al twee maanden van tevoren uitverkocht. Maar don’t worry: vraag wat om je heen, er bleek namelijk een hele zwarte markt te zijn waar de locals ze voor het zes dubbele verkopen. Ach, die zeven euro mag je hebben! Lachend.

In de trein van Kandy naar Ella

De ‘Temple of the Tooth’ in Kandy is zeker een bezoekje waard. Prachtige witte tempel, midden in de stad. Overigens raad ik je aan, niet – ik herhaal NIET – tijdens de ceremonie de tempel te bezoeken. Het is mooi om de ongelooflijke toewijding te zien van honderden mensen die naar de tempel komen om hun offer te brengen van witte lotusbloemen. Ieder is in wit gekleed en het is echt dringen. Het deed mij een beetje denken aan een volksverhuizing. Met als gevolg dat ieder met zijn blote voeten op die van jou gaat staan (ik háát voeten). Daarnaast had ik het idee dat het voor de locals een beetje voelde als aapjes kijken. Om over het indringende geluid van de trommelaars nog niet te spreken. Ik kon er niet naast staan, zonder te knipperen met mijn ogen en schrok mij telkens opnieuw een hoedje. Het leek wel alsof er binnen vuurwerk afging, zó hard! Kortom; als je de stad al druk vindt… juist.

Temple of the Tooth

Ella
Welkom in de oase aan groen! Ella is een schattig plaatsje midden in de bergen, waar bijna elke backpacker direct verliefd op wordt. En waar je – je raadt het al – weer de volgende Rock kan beklimmen. Blijft leuk! Wil je graag van het mooie uitzicht genieten, maar heb je er niet een stevige klim voor over? Ga dan voor Little Adam’s Peak. Biedt ook een heel mooi uitzicht en binnen een uur ben je boven. De watervallen zijn ook mooi om op te zoeken, en een verfrissende duik in te nemen.Verder is in Ella niet heel veel te doen, dus 1 à 2 nachten is hier prima!

Op de top van Little Adam’s Peak.

Slaaptip Ella: overnacht bij Eden View Ella! Je wordt verwelkomd door de meest vriendelijke mensen die er alles aan doen om het je naar de zin te maken. En het belangrijkste: ’s ochtends word je wakker en kijk je récht op Ella’s Rock. Vervolgens verplaats je naar je balkonnetje waar je ontbijtje wordt gebracht. Dat is nog eens breakfast with a view! Kijk maar…

Breakfast with a view, vanaf je eigen balkonnetje bij Eden View Ella.

De zuidkust af…
Na anderhalve week aan stad en cultuur, was daar eindelijk de kust! Zon, zee, strand. De oceaan! We zijn van Ella naar Arugam Bay gereisd. Als je nog op safari wilt, kun je vanaf hier ook goed een day trip maken naar Yala National Park. In het laagseizoen is dit helaas gesloten. En mocht je behoefte hebben aan een dagje luxe, kun je voor 1.000 rupee (5,50 euro) aan het zwembad liggen bij The Blue Wave Resort. (Hmm, of je sneakt snel naar binnen, zoals wij hebben gedaan…)

Slaaptip Arugam Bay: Garden Beach Hotel. Je loopt het straatje uit en staat met je voeten in het zand.

Mirissa: one big happy hour
Mirissa was een van onze favorieten! En niet omdat de cocktails tijdens happy hour maar 1,60 euro waren – zou verboden moeten worden – maar omdat het een verrassend mooi en laid-back kustplaatsje is. Maar kijk dus uit met de gelukkige uurtjes! Dat leverde ons de volgende dag de grootste Sri lan-kater op, ooit. Op het strand worden ’s avonds leuke beach party’s gegeven. Hoe je weet waar deze elke avond is? Gewoon de bewegende spotlights volgen, dat is het teken dat je die avond in die tent moet zijn!

Slaaptip Mirissa: A One Calm Palace. Wij konden hier ons geluk niet op. Voor drie schelpen en een scheet, hadden we de mooiste kamer tot nu toe, mét balkon én zwembad. Kost (nog) geen drol dus.  Aanrader!

Unawatuna & Galle: Hollands roots
Tussen Mirissa en Unawatuna rijden gewoon directe bussen. Wij zijn per tuk tuk gegaan, gewoon omdat het een van de laatste keren was dat het kon. Iets duurder dan de bus – lees: een paar euro – maar het is een mooie route en je rijdt zo de hele kust af langs alle dagvissers.

Jungle Beach is hier leuk, een ‘rustig’ strandje waar je komt na een kleine klim door een stukje jungle. Ga alleen niet op zondag! Wij waren toevallig die dag gegaan en dat is de enige dag dat het vol staat met locals. Wat resulteerden in een soort aapjes kijken van hun kant…

De vuurtoren in Galle

Maak in Unawatuna ook zeker een dagtrip naar Galle, dat is slechts 10 minuten met de bus! Dit is echt een must-see als Nederlander; een plek waar je duidelijk nog de sporen van de VOC-tijd terugziet. Sri Lanka is tenslotte ooit een Nederlandse kolonie geweest. Ga op zoek naar de witte vuurtoren aan zee en beklim het oude Nederlandse fort. Het gemoedelijke havenstadje met zijn kleurrijke geplaveide straatjes, staat niet voor niets op de Werelderfgoed lijst van UNESCO.

Mijn persoonlijke reistips voor jou!

  • In Sri Lanka kun je echt príma de local bus pakken. Een ritje kost tussen de 0,20 en 0,50 cent. Echt bizar goedkoop! Overigens, mocht je lange afstanden moeten afleggen, is een gedeelde taxi met airco soms wel fijn, aangezien je er met de lokale bussen vaak 1-2 uur aan reistijd bij op moet tellen. Tip: word lid van de Facebookgroep ‘Sri Lanka Backpackers NL.’ Hier kun je een oproep plaatsen om een taxi te delen, super handig! Kun je de kosten splitten en ontmoet je ook nog leuke medereizigers…
  • Geloof niet alle Sri Lankanen. Ja, klinkt voor de hand liggend, maar zij hebben er wel een sport van gemaakt. Als dus iemand je ineens vraagt 5 dollar te betalen voor het strandbedje waar je al twee uur op ligt te chillen: don’t. Dit is vaak een lollige local die het gewoon probeert. Gelijk heeft ‘ie. Net als de tuk-tuk driver die je wijsmaakt dat de bus écht niet rijdt op maandag, en deze vervolgens 5 minuten later aan je voorbij zoeft… Ach, you get the picture.
  • Inkoppertje: maak een mooie rondreis door Sri Lanka en… sluit af op de Malediven. Je bent zo dichtbij, en zoals je hier leest, hoeft het dus helemaal niet duur te zijn! GO, GO, GO! (…voordat deze prachtige atollen onder de zeespiegel verdwijnen).

 

Continue Reading

ZEIK NIET ZO. 

Ken je dat gevoel, dat je een artikel of column leest waarbij je denkt: hè hè, die heeft het begrepen. Of eigenlijk, voel jíj je voor even begrepen. Nou beste mensen; ik weet een heel boek voor jullie. Tenminste, mits je geboren bent tussen 1980 en het jaar 2000. Oh en ‘bovengemiddeld narcistisch bent, opgevoed zoals prinsje Willem, niet vooruit te branden en je verwachtingen ergens liggen ter hoogte van cloud 9.’ Over ‘dé Millennial’ is volgens mij, vooral door die verveelde babyboomers, inmiddels meer geschreven dan over het leven van Julius Caesar.

‘100% Millennial’
OK. We spaarden allemaal flippo’s, spraken onze vrienden meer over MSN dan in real life en Pikachu was een ding. Maar we zijn niet een kudde verwende schapen die je allen over één kam kunt scheren. Ik ben dus ook één van de ‘gelukkigen’ die zo’n stempel op z’n hoofd mag drukken met ‘100% Millennial’ erop. ‘Wij’ zijn volgens Google grof verwend. Rete lui. Vroeger erg gepamperd en we verwachten de wereld, het liefst aan onze voeten. En snel een beetje. Ja echt leuk man, deze generatie. Die moet je erbij hebben. 

Note-to-self
Je kunt begrijpen hoe blij ik werd toen ik het boek ‘Zeik niet zo’ in handen kreeg – over ‘het échte leven van een Millennial.’ Notabene toegereikt door een van de auteurs zelf. Over Millennials is inmiddels dus kneiter veel gezegd. Maar alles tussen deze twee kaften, is zo heerlijk herkenbaar en eerlijk opgeschreven. Deugdelijk ON POINT. Ik vind het schitterend. Zo lees je over slappe piemels en poepangst. Traumatiserende ex-vriendjes en bemoeizuchtige moeders. Maar ook over verlies, dieptepunten en omgaan met ziekte. Maiden, bedankt! Jullie hebben pas ballen. Daarnaast is het ook een goede note-to-self, dat wij af en toe wat minder mogen zeiken, jongens. Het leven is zo slecht nog niet. En ehhh… ‘een geinig boekie?’ Nee, een fucking must-read, dat je op elke pagina trakteert op dat ‘oja-moment’ en hardop gelach (en dus heel wat awkward moments in de trein).

Generation (wh)Y not
Misschien moeten we de term ‘Millennial’ op een bootje zetten en laten varen. Ik noem ‘ons’ liever Generation (wh)Y not. We zijn misschien idealistisch, maar niet narcistisch. En hebben dus wél de ballen (ja, weer die ballen. Want: no gutts, no glory) een eigen bedrijf te beginnen 20 jaar eerder dan Generatie X (lekker generaliseren). En voor alle krenten en droeftoeters die daar weer graag hun ‘plasje’ over wil doen: man, ‘zeik’ niet zo.

Bestellen, dus. Hierzo.

Continue Reading
1 2 3 15