7 x hier eet je de lekkerste smoothie(bowls) op Bali

bali smoothie bowl Ubud

Brekkie-fan? Dan zit je in Bali helemaal gebakken. Hier krijg je namelijk elke ochtend een smoothiebowl voorgeschoteld om bij weg te dromen. Ze komen in regenboogkleuren, met exotische vruchten, kokosvlokken en zelfgemaakte granola. Kleurrijk, gezond en nog verdomd lekker ook. Keuzestress gegarandeerd.

Geen zorgen, na een maand wonen en werken op Bali heb ik vele ontbijtjes getest en zette de beste ontbijtspots op dit fijne eiland voor je op een rij. Gaan we!

Kynd Seminyak

Smoothie bowl @ KYND (Seminyak)

KYND is één van de populairste lunchplekken op Bali. En als je de tuin inloopt, snap je waarom. Het liefst zet je alles direct op de kiek en het eten is er goddelijk. Scoor een tafeltje voor de beroemde Instagramwaardige roze ‘Another day in paradise’ muur en haal je hart op aan de lekkerste smoothiebowls in dit stadje. Ik kreeg een toef extra liefde (uitgesneden in mango), in m’n kommetje, maar je kunt je ook je eigen tekst uitkiezen. Tip: vergeet vooral niet de Pink Latte te bestellen. Hier zit dus geen koffie in, ik weet niet wat ze er wel in doen, maar je smaakpapillen doen een dansje op je tong. Gewoon bestellen, dus.

Dragon smoothie bowl @ Shady Shack (Canggu)

Shady Shack maakt een van de lekkerste smoothiebowls in Canggu. Je krijgt een wildernis aan vers fruit in een kom en weet zowat niet waar je moet beginnen met eten. Ga voor de dragon fruit smoothiebowl, die zou je bijna alleen al voor de kleur bestellen. Bijna dan.

Smoothiebowl Shady Shack Bali

Madu Super Smoothie @ Milk & Madu (Ubud)

Deze hippe hotspot vind je zowel in Ubud als in Canggu en vraagt iets hogere prijzen. Maar het is het waard. Ga hier voor de Madu Super Smoothie; een boost gemaakt van cacao, banaan, kokosolie honing en amandelmelk. Het perfecte tussendoortje bomvol superfoods, om even aan de eilandhitte te ontsnappen.

PB&J smoothie @ Coffee and Coconuts (Canggu)

Misschien ken je Coffee & Coconuts al uit Amsterdam, maar sinds kort hebben ze ook een locatie in Canggu en die moest ik natuurlijk even uitchecken. Het is er net zo fijn als in Amsterdam, al komt het bamboe-interieur hier natuurlijk wat meer tot zijn recht. Hier bestel je de PB&J smoothie met verse aardbeien, cashewnotenmelk, choco-vlokken, banaan en pindakaas. Ja, pindakaas. Dat lees je goed. Een must-drink voor alle pindakaas-liefhebbers die hun favo boterhambeleg te lang moeten missen. En ja, dit klinkt misschien als een gekke combinatie, maar heb vertrouwen. Hier word je namelijk echt heel blij van.

Green Super Smoothiebowl @ Yellow Flower Cafe (Ubud)

Het is even zoeken naar deze verborgen organic hotspot, maar eenmaal gevonden, wil je de komende uren niet meer weg. Beklim de begroeide Penenstanan trappen en volg de houten bordjes naar het café. Plof neer op een van de kleurrijke kussentjes of stoeltjes, vanwaar je uitkijkt op een vallei aan verwilderd groen. Je kunt hier elk tijdstip van de dag lekker eten, maar de smoothiebowls zijn toch wel het allerlekkerst. Je krijgt een feestje in een kom, dus pak die camera er maar weer bij.

Surf Ranch smoothiebowl @ Nula Bowls (Canggu)

Nalu bowls is er eentje die je echt niet mag overslaan. Maar gelukkig hebben ze locaties in Canggu, Kuta en Seminyak. Hier eet je je Surf Ranch bowl rechtstreeks uit een gedroogde kokosnoot, met bessen, banaan, cacao en sojamelk. Niet zo’n zoetekauw op de vroege ochtend? Begrijpelijk. Ga dan voor de Mavericks acai bowl. Bij Nalu Bowls kun je eigenlijk niet verkeerd kiezen. Je loopt hoe dan ook wel het tentje uit als gelukkig mens.

Gypsy smoothiebowl bali

Blue Crush smoothiebowl @ Gypsy (Canggu)

Wie wel van een ijsje houdt, is bij Gypsy aan het juiste adres. Hier krijg je een ijskoude smoothie in een grote kom waar je zo een half uur zoet mee bent. De Blue Crush is door zijn frisse smaak een fijne afwisseling van de populaire dragonfruit en mango bowls. De smoothie is een mix van appel, peer, gember en kaneel. De hoeveelheid zelfgemaakte granola is ietwat karig, dus vergeet niet wat extra bij te bestellen. Geen zorgen, dat kost je welgeteld 0,31 cent.

Meer blogs over Bali? Die lees je hier!

Continue Reading

Op het eiland Nusa Penida nabij Bali vind je nog het échte eilandleven

Nusa Penida Broken Beach

Met een klein pruttelend motorbootje – wat ze hier een speedboot noemen – tuffen we het grote water op. In de verte zie ik blauwgrijze contouren van hoge bergen in de mist. Op naar het volgende eiland: Nusa Penida. Het grotere, onbekende zusje van Nusa Lembongan waar ik slechts één dag geleden aankwam.

Het voelde wat gek om zonder dit eiland te hebben gezien, alweer onderweg te zijn naar het volgende. Maar door de verhalen die ik hoorde, kon ik het niet laten… Weinig toeristen. Hoge kliffen met woeste golven. En een ongetemde wildernis. Dat moest ik zien.

Aankomst bij Nusa Penida
Aankomst @ Nusa Penida

Ik miste het lokale leven Canggu
Zoals ik al eerder in deze blog beschreef, is Canggu een fantastisch onderkomen voor elke ‘digital nomad.’ Of backpacker die de laid-back eiland vibe wil meemaken. Prachtige zonsondergangen en heerlijke beachclubs, gaan moeiteloos hand in hand met een ontelbaar aantal hippe koffietentjes en vegan hotspots. Ik voelde me al snel thuis. Maar echt tot rust komen, doe je er niet. De scootertjes vliegen je om de oren en je hoort elke dag gedril en geboor. Je loopt geen straat door zonder aanleg of constructie. En de kinderen die hun ouders helpen in de bouw, vind ik schrijnend om te zien. Ik ben bang dat Canggu er over een jaar of twee hetzelfde ‘aan toe is’ als Kuta en Seminyak. Begrijp mij niet verkeerd, ik vind het heerlijk om Canggu een tijdje mijn thuis te noemen, maar ik hunkerde – onverwacht – toch naar meer. Ik wilde namelijk even ontsnappen aan de ‘Amsterbubbel’ en kwam hier eigenlijk in de volgende terecht. Na twee weken in Canggu betrapte ik mezelf op het terugsturen van een juice, omdat er ‘te veel ijs’ in zat. Waar hebben we het over? Anders doe je ff lekker normaal Cath, dacht ik achteraf.

Canggu is niet ingericht op locals, maar op ons jonge, ‘rijke’ Westerlingen. En dat ging toch een beetje knagen…

Nusa Penida: een groene wildernis zonder 4g
Dus, besloot ik op zoek te gaan naar die wildernis. En dat was het echt. Natuurlijk waren er sporadisch kluitjes toeristen te vinden, maar het eiland is verder nog totaal niet ontwikkelt. Je vindt er nog maar weinig accommodatie mogelijkheden en ‘hippe’ tentjes zijn er niet. Een wiebelende plastic tuinstoel kun je krijgen. Of een kaarsrechte stellage van hout. En het moment dat je voet in zee zet (de laatste paar stappen vanaf de boot naar het strand) verandert je 4g naar ‘geen service.’ Kortom; welkom in het échte eilandleven.

Viewpoint bij Angel's Billabong
Viewpoint bij Angel’s Billabong

De overtocht van Nusa Lebongan naar Nusa Penida kost je slechts 10 minuten en 5 euro, en je bent al zó veel indrukken rijker. Eén tip: ga NIET zelf met een scooter op pad. Tenzij je een heel ervaren rijder bent. De wegen zijn nog erger dan in Afrika, dus als je een zwakke maag of rug hebt, zou ik er wel twee keer over nadenken. Er zitten giga kraters en gaten in de weg, een maanlandschap is er niets bij.

Ongetemd groen oerwoud
Vanuit mijn raampje achterin het busje, tuurde ik over de stroken aan ongetemd groen. Die leken soms eindeloos. Men laat hier de natuur gewoon op z’n beloop, een prachtig gezicht. De eerste stop was in Broken Beach area, waar we een verkoelende duik namen in Angel’s Billabong. En dat wil je, want de gevoelstemperatuur is 36 graden en je zweet je de peentjes. Waarna we doorliepen over de natuurlijke brug van Broken Beach zelf. Bizar mooi. Als je me toen verteld had, wat ik een paar uur later aan het doen was – had ik je voor gek verklaard. Of eigenlijk, mezelf dus.

Broken Beach op Nusa Penida
Broken Beach op Nusa Penida

Een paar uur later… op Kelingking beach
Na een korte rit kwamen we aan bij de T-rex. Oftewel: een van de mooiste kliffen die ik ooit heb gezien. Welkom bij Kelingking beach. Een idioot mooi uitzicht, wat ervoor zorgt dat je zo 100 foto’s verder bent in je filmrol. Tot je nog eens goed naar beneden kijkt en ziet dat je dat kleine paradijselijke strandje met de fel turquoise blauwe zee ook kunt bereiken. Tussen de foto’s schieten door, ontstond de discussie al onderling (ik was op een groepstour dus vandaar. Thank God, trouwens. Maar dat leg ik later uit) of we wel of niet de tocht naar beneden gingen maken. Een ding is zeker: heel druk zal het beneden niet zijn, want niet ieder durft deze uitdagende klim naar beneden aan. Het was namelijk echt wel even afzien. Over stukken rots met soms enkel een stuk bamboe of touw om je lichaam aan vast te klampen. Met sommige ruige stukken, letterlijk verticaal. En laten we de 36 graden even niet vergeten… Tip: doe dit NIET op slippers.

Kelingking beach op Nusa Penida
Kelingking beach op Nusa Penida

Thank God.
Goed. Hier komt nog even de Thank God referentie. Want THANK GOD dat ik dit niet alleen heb gedaan, dan was ik waarschijnlijk – nee niet waarschijnlijk, SOWIESO – rechtsomkeert gegaan ergens halverwege de barre tocht. Maar wat was het het waard. Dat moment dat je je voeten zet op het brandend hete spierwitte zand, je doorweekte kleren uitgooit en met je laatste energie een sprintje inzet naar die ultiem helderblauwe zee. De golven waren ruig en woest, dus erg ver durfde ik niet te gaan. Maar man, wat is het daar onwaarschijnlijk mooi. En ja, je voelt ‘m al aankomen. Daarna moesten we nog terug omhoog…

 

Meer blogs over Bali? Die lees je hier

Continue Reading

Al na een week op Bali voel ik me thuis

Digital Nomad op Bali

Op mijn 19e vertrok ik voor 4 maanden naar Edinburgh, Schotland. Met een enkeltje tussen m’n vingers, stapte ik aan boord van één van die rammelende, vliegende autobussen van meneer Tony Ryan. Sindsdien neem ik me kéér op keer voor mijzelf nooit meer in die bouwpakketkisten te laten vervoeren. Maar in plaats van de angst voor neerstorten, zit de angst ‘m bij mij toch steeds in de portemonnee. En wint de prijsvechter het nog altijd van mijn utopische vliegangst.

 

Voor de oordelende lezers: dit enkeltje kostte mij welgeteld 16 euro. Ik herhaal: zestien euro. Kom op, dat doe je dan toch alleen al voor het verhaal? 

 

Goed. Daar stond ik dan. Voor m’n Schotse knalblauwe voordeur aan Steward Terrace. Niet wetende welke kant ik op moest voor de Uni, het centrum, of de supermarkt. Ik heb mij dan ook de eerste week zeer frequent afgevraagd waarom ik in me in hemelsnaam had opgegeven voor zo’n exchange program. En waarom in DE WERELD (letterlijk) ik dan koos voor SCHOTLAND. De eerste 36 uur was er non-stop regen. Nog nooit zoiets meegemaakt.

Voor even, voelde ik mij de grootste treurwilg op aard. Maar na 1,5 week wist ik het plekje in die ene Starbucks met het beste uitzicht op ’t eeuwenoude Edinburgh Kasteel, dat trots prijkt op de gedoofde vulkaan. Maakte ik vriendinnen die ik nu nóg spreek (10 jaar later). En kocht de Indiase Delihouder op de hoek – ongevraagd – speciaal voor mij Hollands beschuit in. Van Bolletje. Ja echt. Dus dat kocht ik elke week maar braaf.

‘Het is bijzonder, en goed te weten dat je overal een thuis kun creëren’, vertelde mijn moeder mij destijds. En daar moest ik vanochtend ineens aan denken, stappend door m’n Balinese uitgesneden houten voordeurtje, waar wij Hollandse maiden toch telkens effe voor moeten bukken.

Op tempo-slak (lees: 5 km per uur) tuf ik ons straatje uit op m’n scootertje, met de brandende zon op m’n toet. Op weg naar een van mijn favo koffietentjes hier in Canggu. Ik weet inmiddels de weg (voor zover dat mogelijk is met mijn portie richtingsgevoel). Mensen kennen mijn naam en ik die van hen. En ik weet wanneer ik nog net op tijd kan in-tunen voor die gestoord mooie zonsondergang.

Ik voel me thuis.

(28 februari zet ik mijn voetjes helaas alweer op het toestel terug naar Amsterdam. Op een Boeing 737-800 – dat dan weer wel. Thank God).

 

Meer blogs over Bali? Die lees je hier!

Continue Reading