Op persreis naar Narnia (Ja, het bestaat!)

Hmm, wat doe je als een onbekend iemand jou via LinkedIn uitnodigt voor een persreis naar ‘Narnia?’

Jij:

A) Gaat heel hard lachen en klikt het bericht weg
B) Checkt of niemand kijkt en Googled stiekem of het niet tóch bestaat
C) Denkt: fuck it, ik ga. En als het uitmondt in een ontvoering door de maffia zien we dat dan wel weer.

Nou, mijn nieuwsgierigheid got the best of me, dus ik deed alle drie. Precies in die volgorde. En nee, ik ben dus niet door een kast gestapt, maar gewoon netjes naar Rome gevlogen. Daar wachtte onze persoonlijke reisgids, Mauro Belvedere (wat een luxe!), ons op van NarniainItaly.com. En verdomd…. Beste mensen, het bestaat. En het ligt niet in Engeland… Narnia is een mystiek Middeleeuws stadje bovenop een berg, midden in Umbrië. Wát een bijzondere plek, wat een historie. Het is omgeven door beboste heuvels en felblauw, helder rivierwater en blijkt zelfs nog ouder dan Rome… Welkom in het échte Narnia!

Narnia

Alle wegen leiden naar Rome
Op weg naar Narnia vertelt de gids ons over de 7 oude Romeinse hoofdwegen, die (ja, verrassing!) allemaal naar Rome leiden. Zoals bijvoorbeeld de beroemde Via Flaminia. In het Italiaans zeggen ze: Tutte le strada portano a Roma. Kortom: alle wegen leiden naar Rome!

Via deze kronkelende wegen trotseren wij al het groen van Umbrië, op weg naar de provincie Terni – letterlijk – het middelpunt van Italië. Na elke bocht heb je uitkijk op de vallei met een rijk palet aan warme herfstkleuren en hoge heuveltoppen, met idyllische dorpjes. Soms doemt er ineens een kasteel op in de verte. Of een klooster, zoals de prachtige hooggelegen abdij van St. Cassiano die, omzoomd door al het Umbrische groen, trots alle zonnestralen vangt. Ook ik voel de zon kort branden op mijn gezicht, maar probeer mij in te beelden hoe deze feeërieke omgeving zou zijn, bedolven onder een groot pak sneeuw. Maar zelfs met 14 graden en al dit groen, doet het al sprookjesachtig aan. Umbrië in december is zo gek nog niet!

Abdij van St. Cassiano
Abdij St. Cassiano

Iets met een leeuw, een heks en een klerenkast
Velen kennen Narnia van de boekenreeks geschreven door C.S. Lewis of de verfilmde versies daarvan. Maar tot in hoeverre het verhaal daadwerkelijk gebaseerd is op het stadje, blijft een mysterie. Bekend is dat de auteur op een oude landkaart in een Latijnse atlas het stadje Narnia heeft omcirkeld, dus verder dan de naam zal het misschien niet gaan. Overigens denkt onze gids daar anders over. Zo is er bijvoorbeeld de rots van Aslan, waar het mythische leeuwenfiguur uit de Narnia-reeks verslagen werd. Wist Lewis dat dit altaar in Narnia bestond, of is het puur toeval? Het leek er wel verdomd veel op… (Bekijk hier meer).

Zo oud als de weg naar Rome
Voordat de Romeinen de stad veroverden rond 299 voor Christus heette Narnia nog Nequinum. Inmiddels heet het Narni. En wat het stadje zo bijzonder maakt, is de levende geschiedenis dat het nog ademt. Honderden jaren na dato. Dit merk je meteen als je rondloopt in het Middeleeuwse hart van de stad, wandelend door de oude vicolo’s. En boven het authentieke Romeinse aquaduct (Formina) gebouwd in de eerste eeuw na Christus of de historische Ponte d’Augusto, onderdeel van de oude Flaminia weg naar Rome.

Kleine vicolo's in Narni
Kleine vicolo’s in Narni

Een deur naar een geheim verleden
Een van de meest bijzondere momenten tijdens deze persreis was mijn ontmoeting met Roberto Nini tijdens de rondleiding in Narni Underground. Nini is de man himself (!) die op 14-jarige leeftijd een verborgen deur ontdekte naar een belangrijk verleden. De speleoloog (ontdekker ondergrondse wereld) kwam erachter dat onder het vroegere klooster van Santa Maria Maggiore nog een gehele ondergrondse wereld schuilt. Van een 13-eeuwse kapel met unieke fresco’s tot aan een kerker en duistere martelkamer met ingekerfde geheimtaal, dat terug dateert uit 1759.

In 1979 ontdekten zij de geheime ondergrondse ruimtes, die na het nodige uithouwwerk, opgraving en ontdekkingen pas in ’94 opengingen voor publiek. Tijdens zijn zoektocht naar documentatie kreeg Nini zelfs – met hoge uitzondering – toegang tot de geheime bibliotheek van het Vaticaan en eindigde zelfs in de archieven van Trinity College in Dublin.

Narnia Underground
Narnia Underground

Nieuwe hobby’s: Mozaïek leggen en olijven plukken
Je zult er ongetwijfeld niet meteen aan denken, maar echt een hele gave tip is het ontdekken van de kunst van mozaïek leggen. Want man, een kunst is het! Wij gingen langs bij Tiziana Mondini die ons in haar eigen galerie in Narnia (Intessere) de eeuwenoude ambacht van mozaïek leggen uitlegt en vertelt. Deze traditie begon natuurlijk al bij de Grieken en Romeinen. Mondini werkt met louter glas en marmer uit Murano (what else?) om de replica’s uit de Romeinse tijd zo goed mogelijk na te bootsen. Je kunt zelf dus ook een workshop bij haar doen, de kunst van het leggen zelf leren en jouw eigen mozaïek creëren. Hoe cool!

Mozaïek leggen @Intessere
Mozaïek leggen @Intessere

Iets wat je rondom Narnia in de streek Terni ook heel goed kunt doen is puur eten! Wij kregen letterlijk een kijkje in de keuken bij Agriturismo I Montanari Frantoio Oleario, wat tevens een onderdeel is van een Bed & Breakfast. Als je er slaapt krijg je een gratis tour door de olijfolie makerij en pluk je zelf de olijven van de boom! Voor slechts 30 euro in totaal overnacht je hier al met zijn tweeën. Oh en… de lunch hier mag je echt niet missen! Al het eten wordt op de farm zelf geoogst en gemaakt. Van pizza en brood, tot kazen en ham. Je wordt meest hartelijk ontvangen en echt even tijdelijk geadopteerd in deze warme gastvrije famiglia!

Olijven plukken bij Montanari Agrivillage
Olijven plukken bij Montanari Agrivillage

Het onontdekte Narni
Dus de eerstvolgende keer dat je afreist naar Umbrië, breng dan als-je-blieft een bezoek aan Narni! Vanaf Rome, Orvieto of Perugia rijd je er in iets meer dan een uurtje naartoe. Misschien denk je dat Rome veel historie herbergt, maar Narni en omstreken blijft je elk uur verbazen… dus vergeet de standaard ‘Ik-huur-een-huis-in-Toscane’ vakantie en ontdek het bijzondere Narni, wat naast een paar Amerikaanse en Japanse toeristen, een rustig provinciaals onontdekt stadje is, waar de tentakels van het massa toerisme nog niet reiken. Gelukkig! Dus wees er snel bij… En niet allemaal tegelijk dan natuurlijk.

Pasta bij La Bottega del Giullare in Narni
Pasta bij La Bottega del Giullare

Tips voor Narni

  • Kom niet met een grote auto! De kleine smalle straatjes kom je niet door. En anders heb je meteen een hele goede reden om eindelijk die Fiat 500 te huren…
  • Ga eten bij La Bottega del Giullare! Bestel (please!) de Manfricoli Giullare. Dit is een speciale pastasoort uit deze streek, en een klein godsgeschenk voor je smaakpapillen. Belachelijk lekker en absurd goedkoop. Dus, wat let je?
  • Bekijk hier een kort filmpje van iemand die werkte op de filmset van The Chronicles of Narnia en hoe zij het échte Narnia ervaarde.
  • In Narni bevind je je in het echte authentieke Italië. Narni is nog vrij puur en kent nog weinig toerisme. Overigens kan mede daardoor niet iedereen even goed Engels. Gelukkig ken ik nu een fantastische (Nederlands/Italiaanse) gids, dus als je interesse hebt: stuur mij een mailtje! Dan regel ik dat hij jou rondleidt in Narni en jou helpt als tolk bij bijvoorbeeld de mozaïek workshop).
  • En to save the best for last… wat je écht niet mag overslaan in Narni is de ecofarm Castello delle Regine. Een prachtig landgoed van 400 hectare (!) aan wijngaarden, olijfbomen en bossen. Een ware Italiaanse droom… Houd mijn blog in de gaten, want hier verschijnt nog een aparte review over!
Continue Reading

Oh, Krakau wat ben je leuk

YES! Wat is Krakau een ónwijs leuke stad. Vorige week was ik er een weekend met mijn broer Olivier. Perfect voor een herfst stedentrip. Dus zoek je nog een schone stad met rijke historie, ontelbaar veel hippe eettentjes, gave uitgaansplekken met een rauw randje, op slechts 1,5 uur vliegen en nog betaalbaar ook? Boeken maar! Hieronder de leukste wijken plus highlights op een rij:

Oude stadscentrum
Krakau is een prachtige architectonische stad en toont nog zijn originele ‘stenen’ geschiedenis. Het oude stadshart is omzoomd door de groene Planty (stadspark) en een van de weinige plekken die gevrijwaard bleef van de oorlog en het communisme. Het staat dan ook niet voor niets op de Werelderfgoed lijst van UNESCO. Om het gigantische stadsplein (de Rynek) kun je vrijwel niet heen, met haar zijden van ruim 200 meter breed. Rondom de Grote Markt is het leuk om door de voormalige Lakenhal te struinen met Poolse ambacht kraampjes (midden op het plein). Loop eruit langs de Mariakerk en in Noordelijke richting door de levendige (winkel)straat Ul. Floriańska, waar je uiteindelijk tegen de oude stadsmuur oploopt en de Sint-Florianuspoort.

Wawel: ‘over the Castle on the Hill’
Loop je naar beneden, aan de Zuidelijke kant het plein af, neem dan de bekende Grodzka straat. Dan kruis je meteen het mooie  Sw. Marii Magdaleny-plein! Volg de oude Koningsroute en je komt uit bij de voet van de Wawel heuvel. Ontdek de binnenplaats van de middeleeuwse burcht, Polens nationale trots, de kathedraal en het Koninklijk Slot.

Kazimierz: historisch versus hip
Rondlopen in Kazimierz is een beetje dubbel. Het is vandaag de dag, zonder twijfel, de gezelligste buurt van Krakau. Overigens, kent de oude joodse wijk een bewogen geschiedenis en een heel duister verleden. Na de inval van de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog werden de joden verdreven naar een ghetto aan de andere van de Wisla (rivier): Podgórze. Duizenden joden werden erna alsnog afgevoerd en vonden de dood in concentratie- en vernietigingskampen. Ruim 1100 joden werden destijds gered door de Duitse zakenman Oskar Schindler. Het was ook de filmhit Schindler’s List (1993) – die filmregisseur Steven Spielberg opnam in Kazimierz – die de buurt voor het eerst op de kaart zette.

Bezoek er de Joodse begraafplaats en een van de 9(!) synagogen. Loop door de beroemde Ulica Szeroka straat (oud handelsplein) en graaf op zaterdag- of zondagochtend tussen de parels op de vintage markt op het Nowy Plac. En probeer natuurlijk de ONTELBARE hippe ontbijttentjes, mega gezellige lunchplekjes, koffie hotspots, cosy brunchcafés en lokale restaurants uit. (Lees hier de niet-te-missen hotspots van Krakau!)

Podgórze
Vanaf Kazimierz loop je over de brug naar Podgórze, aan de Zuidelijke oever van de Wisla. In deze wijk vind je de voormalige locatie van de fabriek van Oskar Schindler en het museum ‘Krakau tijdens de bezetting.’ Niet zozeer een tip – eerder een must. De sporen van het voormalige ghetto zijn nog steeds zichtbaar. De wijk is een stuk minder ontwikkeld, maar gaaf om even doorheen te lopen en bij een van de verschuilde tentjes een Poolse wijn te drinken (ja, dat bestaat!).

Mijn reistips voor Krakau

  • Tytano. Dit was toch wel echt de tofste ontdekking van de hele trip. Een verlaten tabaksfabriek is hier omgetoverd tot een kleine hipstertown, met alternatieve, post-industriele clubs, vegan restaurants en bijzondere bars. (Houd de blog in de gaten voor hotspots hier!)
  • Houd één dag vrij voor een rondleiding door Auschwitz I en Auschwitz II-Birkenau. De bekendste Duitse concentratie- en vernietigingskampen. De rilling lopen er over je rug. Heftig en indrukwekkend. Waarom een hele dag? De rondleiding, inclusief busrit, duurt in totaal een halve dag. Maar geloof mij, erna is het lachen je voor die dag wel vergaan…
  • Reserveer minimaal drie dagen van tevoren kaartjes voor het museum ‘Krakau tijdens de bezetting.’ Zelfs op maandagmorgen stonden wij nog ruim 30 minuten in de rij.
  • Boek een hotel zonder ontbijt! Dit is nog wel de beste tip die ik je kan geven. Het is gewoon zonde, er zijn ZO VEEL gezellige hippe plekjes om te ontbijten en brunchen.
  • Pak vanaf de airport lekker een Uber! Scheelt je zo’n 14 euro (mits het geen spits is) naar het centrum. Daarnaast kun je in Krakau ongeveer alles lopen, zo fijn! Dus zet die stappenteller maar aan. (Stap dus NIET in een van die debiele toeristische golfkarretjes – alsjeblieft!)
Continue Reading

Sri Lanka: het ándere Azië

Azië: noedels en veel rijst, toch? Crossende tuk-tuks en overvolle chicken bussen. Theevelden en mooie surf stranden. WE KNOW. Voor de mensen die al meerdere Aziatische landen hebben bezocht, snap ik dat deze gedachte niet zo gek is. Maar, dan is er Sri Lanka… Een plek waar je niet verlegen hoeft te zitten om Werelderfgoed. Waar klimmen je nieuwe hobby wordt. En waar je een van ’s werelds mooiste treinreizen kunt maken. Oh, én nog een cruciaal stuk van de Nederlandse geschiedenis kunt ervaren. Do I need to say more? OK, laatste: dichterbij de Malediven kom je niet… Just saying.

Van West naar Oost.
Ja, andersom klinkt deze titel beter, maar de airport ligt nou eenmaal aan de West kant. Zoals in meerdere Aziatische landen, kun je de hoofdstad (Colombo) prima skippen. Wij gingen meteen door naar Negombo, in mijn humble opinion wil je daar ook niet al te lang blijven, dus één nachtje en weer door is top. De vismarkt is een hele beleving daar en leuk om overheen te lopen (met je neus dicht). Van de restaurantjes hoef je overigens niet teveel te verwachten. Wij hadden na wat zoeken een tentje gevonden, en kijkend naar het menu wees de man al snel op die lege vitrine achter ons met één bak gele rijst en drie kippenpoten. De keuze was snel gemaakt en vervolgens gingen de handjes door de bak en zo werd ons bord gevuld. Niks geen opscheplepel. Kosten? 1,50 euro per persoon. Vooruit. Groot pluspunt: in Sri Lanka is alles nog belachelijk goedkoop! Leven als een God in Azië, dus.


Wilde olifanten in het Minneriya National Park

Sigiriya: wilde olifanten en letterlijke hoogtepunten

Want zeg je Sigiriya, dan zeg je olifanten! Je kunt hier níet weg voor je op olifantensafari bent geweest. Tip: ga zo vroeg mogelijk, want einde middag tel je bijna evenveel jeeps als olifanten. En dat zijn er veel!

Staand in de jeep, met af en toe even bukken voor een laaghangende tak, hebben wij op één middag wel 200 olifanten gespot in het Minneriya National Park. Inclusief baby’s! Echt, WAUW.

Filmpje: een kleine verzameling van alle olifantjes (lees: gigantische jongens) die wij tegenkwamen!

Daarnaast zou ik in Sigiriya ook zeker de Pidurangala Rock te beklimmen. Oké, de grotere Lion’s Rock is het populairst, echter, behoorlijk prijzig (25 euro p.p!) en één lange trap omhoog. De Pidurangala kost een paar euro per persoon, biedt ook nog eens heel mooi uitzicht op de Lion’s Rock zelf en op weg naar de top moet je echt klimmen en klauteren (vooral op het eind). Veel leuker dus! Het stadje staat al sinds 1982 op de UNESCO Werelderfgoed Lijst, evenals de Gouden Tempel van Dambulla (1991), waar je op weg naar Kandy gemakkelijk een tussenstop kunt maken.   

Slaaptip Sigiriya: verblijf in het Kashyapa Kingdom View Home. Vanuit je slaapkamer kijk je récht op de Lion’s Rock, net als tijdens je ontbijtje. Betaalbaar, en super lieve hosts!

Uitzicht op de Lion’s Rock vanaf de top van de Pidurangala Rock.

I want Kandy
Over het grote, drukke Kandy zijn de meningen verdeeld. Vele medereizigers waren er niet over te spreken. Het was er ‘vies’, ‘megadruk’ (joh, welke grote Aziatische stad niet?) en het koelde ’s avonds behoorlijk af. Nou, heerlijk na al die hitte. En het belangrijkste: hier moet je de trein pakken naar Ella! Ja je leest het goed: ‘moet.’ Want deze treinreis wil je niet missen. Op grote hoogte, rijd je dwars door de felgroene theevelden en na elke bocht word je getrakteerd op zo’n stunning view – dat je bijna 7 uur lang met je camera op schoot zit. Klein dingetje: alle treinkaartjes zijn vaak al twee maanden van tevoren uitverkocht. Maar don’t worry: vraag wat om je heen, er bleek namelijk een hele zwarte markt te zijn waar de locals ze voor het zes dubbele verkopen. Ach, die zeven euro mag je hebben! Lachend.

In de trein van Kandy naar Ella

De ‘Temple of the Tooth’ in Kandy is zeker een bezoekje waard. Prachtige witte tempel, midden in de stad. Overigens raad ik je aan, niet – ik herhaal NIET – tijdens de ceremonie de tempel te bezoeken. Het is mooi om de ongelooflijke toewijding te zien van honderden mensen die naar de tempel komen om hun offer te brengen van witte lotusbloemen. Ieder is in wit gekleed en het is echt dringen. Het deed mij een beetje denken aan een volksverhuizing. Met als gevolg dat ieder met zijn blote voeten op die van jou gaat staan (ik háát voeten). Daarnaast had ik het idee dat het voor de locals een beetje voelde als aapjes kijken. Om over het indringende geluid van de trommelaars nog niet te spreken. Ik kon er niet naast staan, zonder te knipperen met mijn ogen en schrok mij telkens opnieuw een hoedje. Het leek wel alsof er binnen vuurwerk afging, zó hard! Kortom; als je de stad al druk vindt… juist.

Temple of the Tooth

Ella
Welkom in de oase aan groen! Ella is een schattig plaatsje midden in de bergen, waar bijna elke backpacker direct verliefd op wordt. En waar je – je raadt het al – weer de volgende Rock kan beklimmen. Blijft leuk! Wil je graag van het mooie uitzicht genieten, maar heb je er niet een stevige klim voor over? Ga dan voor Little Adam’s Peak. Biedt ook een heel mooi uitzicht en binnen een uur ben je boven. De watervallen zijn ook mooi om op te zoeken, en een verfrissende duik in te nemen.Verder is in Ella niet heel veel te doen, dus 1 à 2 nachten is hier prima!

Op de top van Little Adam’s Peak.

Slaaptip Ella: overnacht bij Eden View Ella! Je wordt verwelkomd door de meest vriendelijke mensen die er alles aan doen om het je naar de zin te maken. En het belangrijkste: ’s ochtends word je wakker en kijk je récht op Ella’s Rock. Vervolgens verplaats je naar je balkonnetje waar je ontbijtje wordt gebracht. Dat is nog eens breakfast with a view! Kijk maar…

Breakfast with a view, vanaf je eigen balkonnetje bij Eden View Ella.

De zuidkust af…
Na anderhalve week aan stad en cultuur, was daar eindelijk de kust! Zon, zee, strand. De oceaan! We zijn van Ella naar Arugam Bay gereisd. Als je nog op safari wilt, kun je vanaf hier ook goed een day trip maken naar Yala National Park. In het laagseizoen is dit helaas gesloten. En mocht je behoefte hebben aan een dagje luxe, kun je voor 1.000 rupee (5,50 euro) aan het zwembad liggen bij The Blue Wave Resort. (Hmm, of je sneakt snel naar binnen, zoals wij hebben gedaan…)

Slaaptip Arugam Bay: Garden Beach Hotel. Je loopt het straatje uit en staat met je voeten in het zand.

Mirissa: one big happy hour
Mirissa was een van onze favorieten! En niet omdat de cocktails tijdens happy hour maar 1,60 euro waren – zou verboden moeten worden – maar omdat het een verrassend mooi en laid-back kustplaatsje is. Maar kijk dus uit met de gelukkige uurtjes! Dat leverde ons de volgende dag de grootste Sri lan-kater op, ooit. Op het strand worden ’s avonds leuke beach party’s gegeven. Hoe je weet waar deze elke avond is? Gewoon de bewegende spotlights volgen, dat is het teken dat je die avond in die tent moet zijn!

Slaaptip Mirissa: A One Calm Palace. Wij konden hier ons geluk niet op. Voor drie schelpen en een scheet, hadden we de mooiste kamer tot nu toe, mét balkon én zwembad. Kost (nog) geen drol dus.  Aanrader!

Unawatuna & Galle: Hollandse roots
Tussen Mirissa en Unawatuna rijden gewoon directe bussen. Wij zijn per tuk tuk gegaan, gewoon omdat het een van de laatste keren was dat het kon. Iets duurder dan de bus – lees: een paar euro – maar het is een mooie route en je rijdt zo de hele kust af langs alle dagvissers.

Jungle Beach is hier leuk, een ‘rustig’ strandje waar je komt na een kleine klim door een stukje jungle. Ga alleen niet op zondag! Wij waren toevallig die dag gegaan en dat is de enige dag dat het vol staat met locals. Wat resulteerden in een soort aapjes kijken van hun kant…

De vuurtoren in Galle

Maak in Unawatuna ook zeker een dagtrip naar Galle, dat is slechts 10 minuten met de bus! Dit is echt een must-see als Nederlander; een plek waar je duidelijk nog de sporen van de VOC-tijd terugziet. Sri Lanka is tenslotte ooit een Nederlandse kolonie geweest. Ga op zoek naar de witte vuurtoren aan zee en beklim het oude Nederlandse fort. Het gemoedelijke havenstadje met zijn kleurrijke geplaveide straatjes, staat niet voor niets op de Werelderfgoed lijst van UNESCO.

Mijn persoonlijke reistips voor jou!

  • In Sri Lanka kun je echt príma de local bus pakken. Een ritje kost tussen de 0,20 en 0,50 cent. Echt bizar goedkoop! Overigens, mocht je lange afstanden moeten afleggen, is een gedeelde taxi met airco soms wel fijn, aangezien je er met de lokale bussen vaak 1-2 uur aan reistijd bij op moet tellen. Tip: word lid van de Facebookgroep ‘Sri Lanka Backpackers NL.’ Hier kun je een oproep plaatsen om een taxi te delen, super handig! Kun je de kosten splitten en ontmoet je ook nog leuke medereizigers…
  • Geloof niet alle Sri Lankanen. Ja, klinkt voor de hand liggend, maar zij hebben er wel een sport van gemaakt. Als dus iemand je ineens vraagt 5 dollar te betalen voor het strandbedje waar je al twee uur op ligt te chillen: don’t. Dit is vaak een lollige local die het gewoon probeert. Gelijk heeft ‘ie. Net als de tuk-tuk driver die je wijsmaakt dat de bus écht niet rijdt op maandag, en deze vervolgens 5 minuten later aan je voorbij zoeft… Ach, you get the picture.
  • Inkoppertje: maak een mooie rondreis door Sri Lanka en… sluit af op de Malediven. Je bent zo dichtbij, en zoals je hier leest, hoeft het dus helemaal niet duur te zijn! GO, GO, GO! (…voordat deze prachtige atollen onder de zeespiegel verdwijnen).
  • Vergeet niet een visum aan te vragen! Zorg er ten eerste voor dat je paspoort na de aankomstdatum nog minimaal 6 maanden geldig is en vergeet niet een visum aan te vragen. Dit kan via de lokale overheid website, waar je moet betalen via Paypal en alle uitgebreide vragen in het Engels moet beantwoorden. Maar tegen een kleine vergoeding kun je het Sri Lanka visum online een stuk gemakkelijker aanvragen via deze Nederlandse partij. Na het invullen van het online formulier (kost 5 minuten!) ontvang jij binnen max. 45 minuten jouw visum voor Sri Lanka in je mailbox en kun je gewoon betalen via iDeal. Geen gedoe met creditcars, dus.


Dit blog is geschreven in samenwerking met Visumbuitenland.nl 

 

Continue Reading